Naar hoofdinhoud

Een signaal, en dan? 5 lessen uit onze zomerdialogen

Professionals in het sociaal domein zien iedere dag hoe beleid uitpakt in de praktijk. Ze zien waar inwoners vastlopen, waar samenwerking goed gaat en waar regels of systemen in de weg zitten. Maar wanneer is een observatie een signaal? En wat gebeurt er daarna?

  • Inspiratie

Deel deze pagina:

Tijdens twee zomerdialogen van Platform Sociaal Domein gingen betrokkenen vanuit ministeries en landelijke kennispartners met elkaar in gesprek over signaleren in het sociaal domein. Het doel was niet om tot de oplossing te komen, maar om systemisch te leren door ervaringen uit te wisselen, patronen te herkennen en te onderzoeken wat nodig is om samen beter met signalen om te gaan.

Wat leren de dialogen ons over goed signaleren? We zetten 5 lessen op een rij.

  1. 01

    Een signaal ziet er niet voor iedereen hetzelfde uit

    Een signaal ontstaat niet alleen doordat iemand iets waarneemt. Er vindt ook selectie en interpretatie plaats. Dezelfde ontwikkeling kan vanuit verschillende rollen anders worden gezien en belangen kunnen meespelen in de urgentie die eraan wordt gegeven. De vraag is daarom ook wie bepaalt wat als signaal wordt herkend en welke signalen aandacht krijgen.

    → Bedenk dat je vanuit jouw eigen perspectief naar een signaal kijkt, en dat anderen er een andere blik op kunnen hebben. Wie zit het signaal ook? Welke betekenissen geven anderen aan het signaal? Waarom?

  2. 02

    Kijk of er meer achter een signaal zit

    Veel signalen beginnen bij een concrete ervaring of casus. De betekenis wordt soms pas zichtbaar wanneer verschillende ervaringen of gebeurtenissen naast elkaar worden gelegd. Wat afzonderlijk een incident lijkt, kan een signaal zijn dat wijst op een terugkerend patroon of een knelpunt dat meerdere organisaties of domeinen raakt.

    → Leg een signaal naast ervaringen van anderen en kijk over de grens van je eigen organisatie. Is er sprake van een ‘incident’ of is het een structurele situatie? Waar zien we iets vergelijkbaars? Wat hebben die situaties gemeen? En wat vertelt de samenhang ons?

  3. 03

    Een signaal verder brengen is mensenwerk

    Hoe urgent een signaal ook lijkt, het vindt niet vanzelf zijn weg naar een (structurele) oplossing van het knelpunt of probleem. Zeker wanneer een signaal over verschillende lagen heen moet worden gebracht, kan dit uitdagend zijn. De opvolging vraagt soms om actie op een andere laag dan waar het signaal is ontstaan. Er zijn mensen nodig die het signaal onder de aandacht brengen, verder helpen en de benodigde partijen verbinden.

    In de dialogen kwamen verschillende rollen naar voren, zoals de signalendrager, strijder, verbinder en strateeg. Die maken zichtbaar dat het verder brengen van een signaal ook iets vraagt van de mensen die ermee aan de slag gaan.

    → Kijk wat nodig is om het signaal verder te brengen. Welke rol kun jij daarin innemen, wie heb je daarbij nodig en wat vraagt de opvolging op een andere laag?

  4. 04

    Een signaal zonder eigenaar kan blijven circuleren

    Als een signaal meerdere organisaties, domeinen of bestuurslagen raakt, is niet altijd duidelijk wie verantwoordelijk is voor de opvolging. Daardoor kan een signaal van plek naar plek worden doorgegeven, zonder dat iemand de volgende stap zet. Ook wanneer duidelijk is wat er speelt.

    → Maak expliciet wie verantwoordelijk is voor de volgende stap. Is die verantwoordelijkheid duidelijk belegd en heeft diegene voldoende ruimte om te handelen? Zo niet, bespreek waar het signaal wél moet worden belegd.

  5. 05

    Een signaleringsstructuur is nog geen signalerend systeem

    Methoden en overlegstructuren kunnen helpen, maar zijn niet voldoende. Deelnemers noemen ook tijd voor relaties en gezamenlijke duiding, kennis en vaardigheden, samenwerking en bestuurlijk commitment. Ook de manier waarop werk en financiering zijn georganiseerd, kan invloed hebben op de ruimte om signalen te onderzoeken en ervan te leren.

    → Kijk wat nodig is om een signaal verder te brengen. Wie heb je nodig om het te duiden en welke partners kunnen een rol spelen in de opvolging of oplossing? Volg vervolgens het signaal: waar komt het terecht, wie pakt het op en wat helpt of belemmert?

Conclusie

Goed signaleren gaat om meer dan signalen ophalen. Een signaal moet worden herkend en geduid, met andere signalen in verband worden gebracht en door mensen verder worden gebracht. Ook moet duidelijk zijn wie ermee aan de slag kan en wat daarvoor nodig is.

De zomerdialogen laten daarmee zien dat signaleren niet alleen iets vraagt van de professional die iets opmerkt, maar ook van de organisaties en partners daaromheen. Juist in het samenspel bepalen we met elkaar of een signaal alleen wordt opgehaald, of dat het ook daadwerkelijk wordt opgevolgd en bijdraagt aan leren en handelen in het sociaal domein.

Contact

Wil je verder in gesprek over het omgaan met signalen in het sociaal domein? Neem dan contact op met onze adviseur leren en signaleren, Carolina Obispa via Carolina.Obispa@VNG.nl.

Downloads

Raadpleeg de methodiek 'Systematisch Leren' voor meer informatie over het het selecteren, uitdiepen en opvolgen van signalen.

Krijg ondersteuning van een regioadviseur

Wil je hulp bij het inrichten van het sociaal domein? Of beter leren samenwerken? Onze regioadviseurs staan voor je klaar. Met een berg praktijkkennis kunnen ze goed inschatten wat werkt, wat je hulpvraag ook is.